De Ragdoll
Verzorging
De verzorging van een Ragdoll wijkt, niet veel af van de verzorging van elke andere (binnen)kat. Hieronder een aantal
aandachtspunten op een rijtje:
Vacht
Ragdolls hebben een halflangharige vacht, maar omdat deze in de meeste gevallen nauwelijks klit, hoeven ze in principe niet elke
dag gekamd te worden. Toch is het verstandig om wel regelmatig een kam en/of borstel door de vacht te halen. Op die manier verwijder je dode haren die anders
elders in huis terecht komen en beperk je het aantal haarballen. Zeker als ze van hun vollere wintervacht overgaan naar hun zomervacht, kunnen ze behoorlijk uitharen. Gelukkig zijn Ragdolls zijn dol op aandacht en kunnen de meeste van rustig borstelen en kammen best genieten, zeker als ze dat al van jongs af aan gewend zijn.
Vind je toch ergens een klitje, probeer het dan voorzichtig 'uit te pluizen' tot
je het pijnloos door kunt kammen. Eventueel kun je een klitje natuurlijk ook voorzichtig met een schaar weg knippen.
In vrijwel alle dierenwinkels
zijn kammetjes en borsteltjes voor katten verkrijgbaar.
Krabpaal
Omdat Ragdolls voornamelijk binnen in huis zullen leven, eventueel met de
mogelijkheid van een kattenren of afgesloten tuin, is het wel van belang dat je je Ragdoll
voldoende mogelijkheden biedt om naar hartelust te kunnen spelen, springen, klimmen en krabben.
Het klimmen en scherpen van de nagels hoort bij het natuurlijke gedrag van de kat en wanneer je ze
niet de mogelijkheid bied dat op een plek te doen waar het mag, zullen ze je meubels of muren voor
die doeleinden gebruiken. Een stevige en het liefst beetje grote krabpaal is dus eigenlijk onmisbaar
in je huis als je een binnenkat hebt; om aan te krabben, in te klimmen, op te springen, slapen en lekker hoog alles
te kunnen bekijken. Houd er rekening mee dat het krabgedeelte van de krabpaal in elk geval zo hoog moet
zijn dat de kat er volledig gestrekt aan kan krabben.
Krabpalen vind je in dierspeciaalzaken, maar een grotere keus is er op internet, waar je aanbieders van krabpalen kan vinden met palen in alle soorten, maten, kleuren en prijsklasses.
Kattenbak
Een kat die binnen leeft kan uiteraard niet buiten zijn behoefte doen. De aanschaf van een kattenbak(ken) is dus noodzakelijk. Katten poepen en plassen van nature het liefst niet op dezelfde plaats. Ook wanneer je één kat hebt,
zijn twee kattenbakken op verschillende plaatsen verstandig. Qua aantal kattenbakken kun je ongeveer het aantal katten dat je hebt plus één aanhouden. Zet de kattenbak(ken) op een rustige plek en niet in de directe nabijheid van voer- en drinkbakjes. Kattenbakken en kattenbakvulling zijn verkrijgbaar in allerlei soorten en maten. Bij de fokker zal je Ragdoll(kitten) van jongs af aan al een bepaald soort bak (met kap, met kap en klapdeurtje, zonder kap) en kattenbakvulling gewend zijn;
vraag hier dus naar als de fokker er zelf geen voorlichting over geeft. Wil je over op een andere soort kattenbakvulling, kun je dit langzaam veranderen door eerst de oude soort
met de nieuwe te vermengen en zo over stappen. Katten houden niet van sterke geurtjes en een vieze bak, schep de bak dus het
liefst elke dag uit. Kies voor een grote kattenbak, aangezien Ragdolls, en zeker katers behoorlijk groot kunnen worden. Gebruik voor het schoonmaken van de gehele bak het liefst een middel met een neutrale geur, zoals gewone groene zeep of iets dergelijks. Dus geen citroengeurtjes of andere geparfumeerde allesreinigers; mensen vinden dat wellicht lekker ruiken, maar de kat zeer zeker niet.
Eten en drinken
Een goede gezondheid begint bij een goede voeding. Er zitten enorme verschillen in de kwaliteit van alle voedingen die te verkrijgen zijn voor katten. Kies liever niet voor de droge brokjes die in het algemeen bij supermarkten verkrijgbaar zijn.
Betere voeding vind je in dierspeciaalzaken. Om voldoende vocht binnen te krijgen is het verstandig om naast droge brokjes ook hoogwaardig nat/blikvoer bij te geven. Een indicatie voor de hoeveel voeding die je kat
per dag nodig heeft, kun je altijd vinden op de verpakkingen. Kijk uit je Ragdoll niet te overvoeren. Een kitten heeft uiteraard nog andere voedingsbehoefte dan een volwassen kat, en een oudere kat heeft ook weer andere voedingsbehoeften; houd daar dus ook rekening mee bij de keuze van de voeding. Bij de fokker was je kitten ook al een bepaald soort voeding gewend. De fokker zal je hierover informeren en vaak voor de eerste tijd ook wat voer dat het kitten gewend was meegeven. Stap niet plots op een ander soort voer over, je hebt dan kans dat het kitten/kat in de diarree raakt. Wil je over op een ander soort voer, meng de nieuwe soort dan geleidelijk bij de oude.
Zorg dat er altijd voldoende vers drinkwater aanwezig is, zodat de kat wanneer hij maar wil kan drinken.
Parasieten
Katten zijn vaak besmet met wormen, ongeacht of het binnen of buitenkatten zijn.
Een kat kan ziek worden van een wormbesmetting als deze onbehandeld blijft. Er komen verschillende soorten wormen voor. Bij de meest voorkomende
wormsoort (spoelworm) vind de besmetting plaats via wormeitjes in de ontlasting, en wordt ook rechtstreeks van
moeder op kittens overgedragen. Vrijwel alle kittens worden dan ook via hun moeder besmet met wormen. Ook mensen kunnen bij aanraking met ontlasting of bijv. tuinaarde waarin deze ontlasting lag, besmet raken door deze wormen. Kinderen raken vaak besmet bij het spelen in parken, zandbakken e.d. waar honden of katten hun ontlasting gedeponeerd hebben. Een fokker
hoort de kittens dan ook volgens een leeftijdsschema (gebruikelijk is met 4, 6, 8 en 10 weken) meerdere malen te
ontwormen met een middel dat veilig is voor kittens. Bij hun nieuwe eigenaren moeten de kittens met 16 weken
(vier maanden) en 6 maanden nogmaals ontwormd worden, en daarna ieder half jaar opnieuw. Bij de dierenarts zijn
verschillende soorten ontwormingsmiddelen verkrijgbaar, van pasta's tot tabletvorm. Sommigen daarvan helpen tegen
meerdere parasieten (bijv. ook direct tegen vlooien). Het handigst zijn de druppels die je eenvoudig in de nek kan
druppelen, je hoeft dan geen pasta's of tabletje oraal toe te dienen. Deze zijn alleen niet geschikt voor jonge kittens.
Tijdens het kammen van je Ragdoll kun je ook direct controleren op eventuele aanwezigheid van uitwendige parasieten
zoals bijvoorbeeld vlooien en teken. Zelfs als je Ragdoll nooit buiten komt blijft er altijd kans op een vlooienbesmetting,
al is deze kans wel kleiner. Een vlooienbesmetting herken je behalve aan de beestjes zelf, vaak aan donkere zwarte
puntjes op de huid (vlooienpoep) die soms verward kunnen worden met vuil. Als je vlooienpoep op een (natte) tissue smeert,
is het roodachtig van kleur. Er zijn bij de dierenarts verschillende veilige middelen tegen vlooien verkrijgbaar om je kat
mee te behandelen. Als je zeker weet dat je kat last heeft van vlooien, zul je naast de kat zelf ook je huis (eventuele vloerbedekking, plekken waar
de kat vaak ligt) moeten behandelen met een speciale omgevingsspray (is dus niet hetzelfde als waar je de kat mee behandelt!)
Ragdolls zullen, als voornamelijk binnenkatten, niet zo snel een teek oplopen en dus zullen teken niet
snel een probleem vormen. Maar als ze buiten komen in plant- en struikrijke tuin of ren in een gebied
waar teken voorkomen, is het nooit helemaal uitgesloten. Net als mensen kunnen ook katten de ziekte van Lyme oplopen van besmette teken,
alleen minder vaak dan bij mensen het geval is. Teken herken je, als ze volgezogen zijn, als een blauw/grijzige 'erwt'
op het lichaam. Het best verwijder je teek met een speciale tekentang.
Bij de dierenarts is er naast goede voorlichting, ook
aan preventieve (hulp)middeltjes van alles te verkrijgen. Veel middelen bestaan uit een combinatie die tegen meerdere
parasieten tegelijk werken.
___________________________________________________________________________